Koen Theys | Home-Made Victories


250 Met HOME-MADE VICTORIES brengt S.M.A.K. de eerste grote overzichtstentoonstelling van Koen Theys (°1963, Brussel), een pionier van de Belgische videokunst. De tentoonstelling is opgevat als een doorsnede van Theys’ oeuvre van de vroege jaren ’80 tot nu.
Zijn eerste video’s vertonen sterke linken met de punkbeweging en zijn verwant aan werk van Paul McCarthy, Mike Kelley en Tony Oursler. Parallel met de punk tonen deze kunstenaars dat geweld niet langer op een traditionele manier in beeld kan worden gebracht. Met soms erg gewelddadige beelden leveren ze kritiek op de heersende machtsstructuren. Ook Theys’ werk getuigt van een doorgedreven kritische visie op de maatschappij, kunst en cultuur. Met humor en ironie belicht hij de tegenstrijdigheden die hij er als actuele kunstenaar in ontdekt en ervaart. In de jaren ’90 maakt Theys monumentale fotocollages waarin hij het typisch menselijke innerlijke conflict tussen ‘uniek willen zijn’ maar tegelijk ‘bij de groep willen horen’ thematiseert. Omkeringen, vervormingen, verdubbelingen, spiegelingen en herhalingen worden zijn vormentaal. Als een extra accent op dit typische kenmerk van Theys’ oeuvre komen spiegelingen en beeldecho’s in dit tentoonstellingparcours voor.
Wanneer eind jaren ’90 het digitale beeld nieuwe mogelijkheden opent, grijpt de kunstenaar terug naar zijn oude liefde: videokunst. Het gevoel voor drama uit zijn vroege video’s blijft aanwezig maar krijgt een brutale, komische toets. Theys’ fascinatie voor het ‘massaornament’ – denk aan waterballetten of Chinese massachoreografieën – wordt steeds zichtbaarder. Dit uit zich in lange films met een langzaam verloop en een monumentaal karakter. Met een humoristische knipoog verdiept de kunstenaar zich in fenomenen uit de massacultuur, internet en de wereld van spektakel. Theys’ recentste videowerk verwijst ook expliciet naar de kunstgeschiedenis: hij becommentarieert de traditie niet alleen maar geeft ze tegelijk een nieuwe wending door middel van een relatief jong medium.
Balie
De monumentale muur achter de S.M.A.K.-balie wordt geanimeerd door de 3D-projectie KOEN THEYSLAND (2008) (10.38 min). Een massa digitale personages vormen samen de letters van de kunstenaars naam. De dynamische camerabeweging zorgt voor een rollercoastereffect dat wordt versterkt door het gejuich en handgezwaai van de menigte. In 2008 vroeg tv-zender Canvas Theys om fragmenten uit zijn videowerk af te staan als achtergrondanimatie voor het Canvas-logo, het dagelijkse openingsbeeld van de tv-avond. Theys wou zijn werk niet laten reduceren tot visueel behangpapier en ontwierp een eigen logo dat de concurrentiestrijd met het zenderlogo kon aangaan. Hier zie je de finale versie van het werk: de handtekening van de kunstenaar als een volwaardig kunstwerk.
Doorgang rechts
BELGIAN LANDSCAPES (1991-1994) is één van Theys’ fotocollagereeksen. Net als in het Vlaamse landschap toont de collage LARGE LANDSCAPE (1991) Belgische huisjes in een chaos aan uiteenlopende bouwstijlen lukraak bij elkaar. Elke eigenaar lijkt zijn persoonlijkheid te willen uitdrukken, maar tegelijk ook niet al te veel te willen opvallen binnen het geheel. Het resultaat oogt triest: een imaginaire dorpskern van min of meer gelijkaardige huisjes, opgesmukt in individuele stijlen. De collage lijkt uit te deinen maar oogt tegelijk compact. Schots en scheef naast en boven elkaar geplaatst dragen de huisjes bij tot het evenwicht van Theys’ beeldcompositie.
Rechtervleugel
“Kunst wordt uiteindelijk steeds gerecupereerd door de macht, ondanks alle pogingen van kunstenaars om daaraan te ontsnappen. Je kan kunst dan beter onmiddellijk vanuit die recuperatie denken, in zijn negativiteit.” – Koen Theys
In CRIME 01 (1983) (12.39 & 2.38 min) interpreteert Theys een amateurfilmpje dat Adolf Hitler maakte van zijn Duitse herdershond Blondi op het terras van het Adelaarsnest, Hitlers verblijf op een bergtop in de Duitse Alpen. De video is de registratie van een performance die Theys als student uitvoerde aan de Gentse academie. Zijn gezicht verborgen achter een Disney hondenmasker, zie je hem met een bijl het hoofd en de poten van een dode Duitse herdershond afhakken. Na de performance drapeerde hij de van het dier afgehakte lichaamsdelen als een stilleven rond een huilende baby. Theys was grootgebracht met de idee dat kunst en cultuur het hoogste goed op aarde zijn, maar zag als student in dat cultuur ook misbruikt kon worden en kon staan voor manipulatie en uitdrukking van macht. Vanuit dit inzicht voerde Theys deze gewelddadige performance uit als een artistieke daad in de vorm van een misdaad. Het werk drukt de kunstenaars afkeer uit voor geweld en symboliseert de cyclus van leven, dood en hergeboorte.
Ook de video DIANA (1984) (25.34 min) is geïnspireerd op een amateurfilmpje van Hitler. Hij filmde zijn minnares Eva Braun terwijl ze naakt bij een watervalletje speelt. De video is niet alleen in die zin een vervolg op CRIME 01. Ook thematisch is er een link: de versmelting van leven geven en vernietigen. Bij de Grieken was Diana namelijk de godin van vruchtbaarheid en oorlog, bij de Romeinen werd ze – misschien als een synthese van de twee – godin van de jacht. Theys was gefascineerd door de vereniging van vruchtbaarheid, leven en erotiek met dood, vernietiging, oorlog en jacht in één goddelijk personage. Hij zag hierin een parallel met de figuur van Eva Braun, minnares van een oorlogsmisdadiger en massamoordenaar. We zien Diana naakt met pijl en boog over het Normandische duinenlandschap met oorlogsbunkers zweven. Haar sensuele lichaam verschijnt in combinatie met gewelddadige jachtscènes, rituelen waarin de zuiverheid van godin Diana wordt geëerd en archiefbeelden uit WOII.
VERLEIDING DOOR SPEKTAKEL
HET VANITAS RECORD (2005) (33.37 min) was in zijn oorspronkelijke vorm een gigantische installatie van wel 20m x 12m x 4m, een chaotische compositie van meer dan 20 ton boeken, 125 schedels, computerschermen en honderden kaarsen, kralen, klokken en wekkerradio’s. Daarop had Theys meer dan 20.000 levende slakken losgelaten die het werk langzaam maar zeker – zoals de tijd het leven – aanvraten. Vertrekkend van het grootst denkbare antispektakel creëerde de kunstenaar een ‘record’ met spektakelwaarde. Een absurde tegenstelling. In het begin van de video dwaalt de camera langzaam langs de installatie, terwijl op de achtergrond af en toe echo’s weerklinken van perscommentaren en radio-interviews die ter gelegenheid van de tentoonstelling werden gegeven. Deze (zelf)relativering en ironie wordt naar het einde toe opgedreven met beelden van massale maar fictieve persaandacht voor dit ‘grootste vanitastafereel ter wereld’, compleet met donderend applaus en een vuurwerk van klik- en flitsgeluiden. HET VANITAS RECORD is een knipoog naar de 16-17de-eeuwse traditie van vanitasschilderijen, intieme stillevens met objecten die de kortstondigheid van het menselijk leven symboliseren. Ze roepen op tot bescheidenheid en veroordelen aardse verleidingen. Vandaag hebben de media een groot aandeel in het ons afleiden van wat in het leven belangrijk is. Deze video onderzoekt de mechanismen waarmee kunst en media elkaar in evenwicht houden en gaat na hoe inhoud door de media wordt uitgehold.
STILL LIFES WITH APPLES (2010) is een reeks digitaal geconstrueerde foto’s. Een massale hoeveelheid appels lijkt zich tot in het oneindige uit te strekken. Ze zijn netjes gerangschikt op de publiekstribunes van een stadion alsof ze een belangrijk evenement bijwonen. Meer in detail zie je dat de militaristische orde hier en daar wordt doorbroken door vruchten die op hun zij liggen. Dit beeld van een rusteloze, rumoerige massa fruit in een publieke ruimte staat ver af van de huiselijke stillevens met fruit van bvb. Picasso of Cézanne. Theys maakte gebruik van de bouwstenen van dit traditionele schildergenre om zijn kritiek op de uitbating van de publieke ruimte (inclusief musea) te poneren: al te vaak inhoudsloze massacultuur als loos volksvertier met te beperkte zinnige interactie tussen publiek en performers (of breder: cultuurmakers). De appel staat hier symbool voor de verlokking door spektakel.
In 1927, enkele jaren voor hij in Duitsland aan de macht kwam, poseerde Hitler in de studio van zijn privéfotograaf Heinrich Hoffmann. Hij liet zich fotograferen om het dramatisch effect van bepaalde bewegingen te bestuderen in functie van zijn publieke optredens. Mediatraining avant la lettre. In MEDIASTUDIEN (NACH HEINRICH HOFFMANN)(2001) (1.12 min) bracht Theys deze foto’s van Hitler tot leven. Door middel van morphing – computergestuurd geleidelijk laten overvloeien van een beeld in een ander beeld – creëerde hij er een absurd ballet van woordeloze speeches mee die nooit hebben plaatsgevonden. Het resultaat is een potsierlijke choreografie van stereotiepe houdingen waarin Hitler wordt opgevoerd als labiele antiheld. Opeenstapelingen, verdubbelingen en spiegelingen in het beeld versterken het schizofrene effect.
MASSA VS. INDIVIDU
Een deel van de volgende ruimte is behangen met Theys’ fotowerk STARS (2003). Je ziet een sterrenhemel waarin elke ster wordt gerepresenteerd door het gezicht van een filmster. De meeste sterren – letterlijk en figuurlijk – zijn zo klein dat ze als stippen opgaan in het donkere heelal. De individualiteit van de beroemdheden is gereduceerd tot een uniforme aanwezigheid binnen een decoratieve print. Theys ontnam de acteurs hun sterrenstatus, waarmee ze boven de massa uitstijgen, en liet ze tussen andere sterren aan de hemel quasi verdwijnen. De reeks COMPOSITIE MET MENSEN (1991) toont een bijna eindeloze anonieme mensenmassa. De composities zijn niet chaotisch, maar kregen vorm door de combinatie met een architecturale tekening. Vult het volk de architectuur enkel op of geeft ze de architectuur juist vorm? De ruimte is leeg maar tegelijk beklemmend.
Middenvleugel
DE LAATSTE MENS EN HET EINDE VAN DE GESCHIEDENIS
In LAST MAN WALKING (2007) (16.40 min) stappen groepen mensen in rijen vooruit terwijl omstanders voor hen applaudisseren. In de loop van het scenario wisselen publiek en performers voortdurend met elkaar van rol. De wissels gebeuren haast onmerkbaar vloeiend en zijn met bijzonder oog voor compositie en beeldtextuur georkestreerd als een massaornament. De titel van de video verwijst naar de idee van de ‘Laatste Mens’, ontstaan bij de 19de-eeuwse filosoof Friedrich Nietzsche en in de context van het neoliberalisme begin jaren ‘90 geactualiseerd door de Amerikaanse politieke denker Francis Fukuyama. Voor zowel Nietzsche als Fukuyama belichaamt de ‘Laatste Mens’ de idee van een maatschappij die al haar doelen heeft bereikt en geen enkele noodzaak meer voelt tot verdere evolutie. Ze noemden dit ‘het Einde van de Geschiedenis’. Theys vroeg zich af aan welke vorm van kunst zo’n posthistorische maatschappij nog nood zou kunnen hebben en kwam uit bij marcheren als laatste culturele daad. De digitale 3D wezens, zwevend tussen leven en dood, zien er afstandelijk artificieel maar tegelijk beangstigend realistisch uit. Verder houdt de titel verband met ‘dead man walking’, de quote die in de USA geschreeuwd wordt wanneer een ter dood veroordeelde naar zijn executie wordt geleid. Theys laat een symbolische dodenmars zien waarin de ‘Laatste Mens’ die alles heeft bereikt applaus krijgt van een publiek dat amper van de performers verschilt.
In PATRIA (Vive le roi! Vive la répubique!) (2008) (2 x 48.58 min) trekt Theys Fukuyamas idee van ‘het Einde van de Geschiedenis’ verder door, maar dan gefocust op de geschiedenis van België. Hij inspireerde zich op ‘Episode van de Septemberdagen van de Belgische Revolutie in 1830’ (1834) van Gustave Wappers. Dit is een schoolvoorbeeld van 19de-eeuwse ‘art pompier’: een officieel academisch schilderij over een historische gebeurtenis (een ‘historiestuk’) met breedvoerig vertoon van dramatiek en heldhaftigheid. Geënt op deze kunsthistorische traditie organiseerde Theys een performance op het Brusselse Martelarenplein, de plaats voor het Vlaams Parlement waar een 400-tal slachtoffers van de Belgische revolutie liggen begraven. De figuranten van het schilderij verving de kunstenaar door politiemannen. Die stelde hij in een uitgekiende compositie op in het gezelschap van hun paarden en honden. Niet trots en in het gelid, zoals het een politiekorps betaamt, maar aan het dommelen of in slaap gevallen. Af en toe roepen sommigen onder hen in de drie Belgische landstalen slogans als ‘Vive le roi!’, ‘Lang lebe die Demokratie!’ of ‘Leve mijn moeder!’. PATRIA laat zich lezen als een spottende kritiek op het wereldwijd falen van politieke ideologieën in het algemeen en het failliet van de Belgische politieke idealen, waarvan tijdens de revolutie van 1830 de basis werd geformuleerd, in het bijzonder. Als antwoord op Fukuyamas theorie stelt Theys zich de vraag of het mogelijk is om vandaag – ‘het Einde van de Geschiedenis’ voorbij – de traditie van ‘historiestukken’ verder te ontwikkelen en op welke manier dat zinvol zou zijn.
Ook met FANFARE, CALME & VOLUPTÉ (2007) (2 x 42.48 min) verwijst Theys naar een 19de-eeuws genre uit de schilderkunst: het haremtafereel. De video ontstond op basis van een performance: een ‘tableau vivant’ of levend schilderij, waarbij majorettes en fanfaremuzikanten door de kunstenaar op een tribune in compositie werden gezet. De figuranten liggen er decadent bij, louter om schoonheid, kunst en genot te verheerlijken. Het zijn echter volksmensen uit de Brusselse Marollen, één van de armste buurten van België. Het tafereel oogt kalm en voornaam maar er hangt erotische spanning in de lucht. Één camera registreerde dit ‘tableau vivant’ frontaal en in zijn geheel, terwijl een andere zich op details richtte. De titel parodieert ‘Luxe, calme et volupté’, een regel uit het gedicht ‘L’Invitation au Voyage’ van Charles Baudelaire dat in zijn beroemde bundel ‘Les Fleurs du Mal’ (1857) verscheen. Baudelaire brengt er hulde aan het concept ‘l’art pour l’art’ of ‘kunst om de kunst’ zonder meer.
INTERNET ALS MASSAORNAMENT
De hele video DANAË (2013) (14.04 min) lang zien we anonieme achterwerken van vrouwen suggestief bewegen op flarden rap- en hiphopmuziek. Theys draaide de originele beelden niet zelf maar trof ze in overvloed op YouTube aan. Het verbaasde hem dat zoveel vrouwen zich op zo’n manier voor de hele wereld te kijk zetten. Het lijkt wel alsof ze, eenzaam in hun kamer opgesloten, enkel nog via hun webcam contact met de buitenwereld kunnen leggen. Theys zag een link met de mythe van Danaë, een onderwerp dat in de geschiedenis van de schilderkunst vaak opduikt. Danaë werd door haar vader Akrisios in een kamer opgesloten nadat een orakel had voorspeld dat haar zoon hem zou vermoorden. Door haar op te sluiten, dacht Akrisios, zou niemand een kind bij haar kunnen verwekken. Maar oppergod Zeus slaagde er toch in binnen te dringen in de gedaante van lichtstralen en een regen van goud. In zijn herinterpretatie van deze mythe manipuleerde Theys de lichtinval van de amateurbeelden zodat er via ramen, televisies of computers suggestief licht binnenvalt in de kamers waar de vrouwen zich bevinden. De kunstenaar beschouwt internet als een gigantisch actueel massaornament, één wereldoverkoepelende megastructuur waarop elk individu zich kan enten. Ook via de muziekfragmenten verwijst Theys naar de mythe van Danaë: ‘Golden shower!’ of ‘Make it rain, honey! Make it, make it rain!...’.
Linkervleugel
Ook de basisbeelden voor THE FINAL COUNTDOWN (2010) (47.44 min) plukte Theys uit het onmetelijke virtuele oerwoud YouTube. Hij downloadde meer dan 2000 amateurvideoclips waarin individuen, bands, orkesten en fanfares tot volledige stadiums zich wagen aan de iconische begintune van de wereldbekende song van de Zweedse rockband Europe. Theys monteerde deze gigantische mengelmoes tot een lange loop waarin de filmfragmenten in een steeds wisselende, monumentale mozaïek op elkaar ingrijpen. THE FINAL COUNTDOWN is een spottend, uitvergroot spiegelbeeld van de overmatige beeld- en geluidsconsumptie van deze tijd. Bovendien verwijst de video naar de omvangrijke schilderkunsttraditie rond ‘Het Laatste Oordeel’. De beeldmozaïek functioneert als een barokke variant op het drieluik, de vorm waarin dit onderwerp traditioneel werd afgebeeld, en het scenario eindigt in een hels tafereel waarin een dirigent, als een soort duivelse Christusfiguur die het Laatste Oordeel zal vellen, uittorent boven een hysterische massa op de tonen van een dreunende kakafonie.
De fotomontage BIG TUNNEL (1992) bestaat uit dezelfde bouwstenen als de monumentale collage LARGE LANDSCAPES (1991) aan het begin van de tentoonstelling. Foto’s van geïndividualiseerde maar in wezen erg gelijkaardige kneuterige Belgische huisjes vormen dit keer geen dorp maar zijn in tunnelvorm gerangschikt. Het lijkt wel een buis die alle individualiteit opzuigt en doet verdwijnen in een nietszeggende, uniforme blinde vlek, of een draaikolk die woekerende herhalingen met zich meesleurt.
Bij het creëren van bijna al zijn videowerken tekent Theys de verhaallijn en de scenografie uit in beeldende scenario’s of STORYBOARDS. Ze geven inzicht in de manier waarop zijn videowerken tot stand komen. Theys’ storyboards nemen verschillende gedaantes aan: van zeer schetsmatige tekeningen over bewerkte foto’s tot uitgekiende fotocollages met een sterke grafische inslag. In deze ruimte is een selectie van zijn storyboards bijeengebracht als in een apart ‘kabinet’ of ‘annex’ bij de videowerken in de tentoonstelling
.


S.M.A.K. – expoboekje
29 mar. 2013

back